18.11.25

Wagenhals

 


De in 1913 opgerichte Wagenhals Motor Co. in Chicago. bestond slechts drie  jaar,  maar men bouwde voor de  Verenigde Staten wel  een uitzonderlijk product: een driewieler met een zeer grote viercylinder  motor. De motorkap stak  een  behoorlijk eind uit over de vooras, de eindoverbrenging op het enkele achterwiel gebeurde met een ketting. 

Noord-Mexico

 


Los Alegres de Teran met "Persecusion de Villa". 

MG

MG schijnt door de huidige Chinese eigenaren van het merk als verkorting van  Modern Gentleman, i.p.v. zoals oorspronkelijk  Morris Garages, te worden afficheerd, maar hier staat 'Old Number One', niet de allereerste MG, zoals de naam doet vermoeden, maar wel de eerste MG, die speciaal gebouwd was om aan wedstrijden mee te doen. De basis was een Morris 'Cowley', waarvan het chassis was ingekort, de motor was een kopklepper Hotchkiss met een cylinderinhoud van 1548cc gekoppeld aan een Morrisdrieversnellingsbak. De lichtgewicht carrosserie was ontworpen door Carbodies in Coventry en het geheel werd door de Morrisfabriek in Oxford geassembleerd. Cecil Kimber, salesmanager van Morris Garages in Oxford, had veel succes met 'Old Number One', hij won in 1925 in de Lands End Trial een gouden medaille in de lichte autoklasse. De totale bouwkosten schijnen 279 pond geweest te zijn, na de Trial verkocht Kimber de auto voor 300 pond de wagen dreigde vervolgens zijn bestaan te eindigen op een sloperij in Manchester, nadat hij gebruikt was om een aanhanger met varkens te slepen. Een werknemer van MG ontdekte 'Old Number One' in 1932 op de sloperij en kocht de wagen voor 15 pond. Daarna werd hij gerestaureerd en in de jaren vijftig werd hij donkerrood gespoten en kreeg hij kenteken FC 7900. Maar oorspronkelijk was de auto grijs en was het kenteken FMO 842.


Kwartje

Hoe komen de Amerikanen aan hun quarter en aan hun verenigde staten? Ze haalden de voorbeelden uit, juist ja, van overzee, uit de Republiek van de Zeven Verenigde Nederlanden. Inmiddels bestaat het kwartje niet  meer en de Republiek is allang ter ziele. Maar eens waren wij het voorbeeld. Een stuiver was vroeger veel belangrijker dan hij nu is. Een  DUBBELtje was twee stuivers, een heitje vijf stuivers. Ik kende lang geleden nog twee munten, een botse en een nutske (ik hoop dat ik het goed schrijf), de benamingen voor een muntstuk van tweeëneenhalve cent (een halve stuiver) en een halve cent. Friese benamingen, jawel. Of ze in het Nederlands ook een naam hadden, weet  ik niet.

Mexico

 


Amparo Ochoa met "La Adelita"

17.11.25

Bretagne

 


 Bagad de Lann- Bihoué

Jowett

Veel nieuws was er van de Grootbritse automobielbouwers vlak na de Tweede Wereldoorlog  niet te verwachten, men bouwde voort op waar men in 1939 mee geëindigd was. Toch was er een relatief kleine fariek in Bradford die met een, zeker voor Britse begrippen, revolutionaire wagen verscheen: gestroomlijnd, zelfdragende carrosserie, viercylinderboxermotor met een inhoud van 1486cc en twee carburateurs, de radiateur achter in plaats van voor de motor en plaats voor zes personen: de Jowett "Javelin".
Het zal altijd wel een raadsel blijven waarom Dinky Toys van sommige auto's wel een modelletje in de markt zette en van andere niet. De Jowett "Javelin" viel in ieder geval niet in de  prijzen, pas veel later leverde ODGI in de reeks "Toys of Yesteryear" een model in de Dinkystijl. Ook van de "Jupiter" , de tweezits sportieve openversie van de "Javelin", de "Jupiter" met dezelfde, zij het opgepepte motor, verscheen destijds geen model en  op de door Maurice Gatsonides en Hugo van Zuylen Nijeveldt bereden speciale versie van de "Jupiter", die in 1952 meedeed tijdens de 24 Uur van Le Mans, moesten we eveneens  lang  wachten.
Jupiter

 Le Mans 1952