3.4.25
Vier-onder-de-kap
2.4.25
1.4.25
Wobster 11
Gnommsky was dus behalve, net als zijn broodheer een nazi, een oplichter en met die informatie kon Wobster thuiskomen. Op de terugweg dacht hij na hoe de boodschap aan zijn moeder zou overbrengen, want het zou best eens kunnen gebeuren dat ze de in Bielefeld verkregen mededelingen als pure laster zou ervaren en in het Bielefelder Kreuz- und Pizza Genossenschaft zou blijven geloven, omdat ze de buurvrouw niet wilde afvallen. Hij kwam er niet uit. Hij wist niet hoe zijn blijde boodschap aan zijn moeder moest vertellen. Misschien was de mededeling dat Gnommsky niet bestond en in feite Schlüsselchen heette het beste om te beginnen en daarna te vertellen dat Schlüsselchen een nazi was die vervolgens om de omzet van Oetker te verhogen het Pizzagenootschap had gesticht. Hij keek nog eens in de uit Bielefeld meegebrachte formulieren. Hij moest vooral niet te verontwaardigd klinken, meer verbaasd, kijk eens moeder wat ik gevonden heb, dat had ik nooit verwacht, Gnommsky een nazi, hoe bestaat het.
Bugatti treinen 2
De Bugatti Surallongé had in plaats van de vier Royalemotoren in de Présidentiel twee Royalemotoren die bovendien horizontaal geplaatst waren in plaats van verticaal. Er zijn tussen 1936 en 1939 totaal 26 Bugatti's van dit autorailstype gebouwd: 15 voor de État, 1 voor de AL, 10 voor de PLM en 2 voor de SNCF. Eén, die uiteindelijk in juni 1946 bij de SNCF belandde, was oorspronkelijk bedoeld als demonstratiemodel voor de Bulgaarse spoorwegen, maar het begin van de Tweede Wereldoorlog stak daar een stokje voor en de Surallongé werd opgeslagen in Bordeaux, samen met een andere Surallongé. Na de oorlog kregen alle autorails van dit type twee kleine radiateurs, ieder aan de zijkant van de boven het voertuig geplaatste bestuurdersplaats, de zogenaamde kiosk, die in verband met de lengte van de Surallonggé twintig centimeter hoger geplaatst was. De maximum snelheid was 150 km/u, de dienstsnelheid 140km/u, later verlaagd tot 120 km/u, met een volle tank kon 450 tot 500km bereikt worden
31.3.25
Dick
De laatste keer dat ik de vorige week overleden Dick Verkijk sprak was in Sandy, een plaats in de buurt van Salt Lake City. Nou niet direct de plek waar je een Oost-Europaspecialist zou verwachten. Maar het zat zo: mijn echtgenote moest naar een conferentie in Salt Lake City en ik ging naar vrienden in Chicago, want zei ze: "Jij kent toch niemand in Salt Lake City". Ik dacht een ogenblik na en antwoordde: "Ja toch wel, Dick Verkijk." Dick, die met een jeugdliefde uit Haarlem was getrouwd en nu in Amerika woonde. Ik had Dick leren kennen toen ik met André van der Louw, Jan Nagel en Dick op uitnodiging van de National Rat des Nationalen Fronts van de DDR een weekje in Oost-Duitsland bivakeerde. We bezochten o.a. Berlijn, Dresden en Rostock. In laatstgenoemde plaats vond een ontmoeting plaats met de rector van de universiteit die ons op de zegeningen van het communisme trakteerde in een uitvoerige redevoering, waarop Dick antwoordde met: "Aber Herr Professor, Sie haben doch nicht immer so gedacht. U was toch lid van van de NSDAP. Ik heb hier zelfs uw partijnummer." Het bleef even stil voordat de professor zei: "Aber man kann doch umdenken." Eenmaal buiten ging Dick op de hem kenmerkende manier nog even door: "U was toch ook lid van het National Sozialistische Kraftfahrer Korps". De professor zweeg. Dat was Dick ten voeten uit. Een terrier wanneer het nodig was.