7.8.26

Lully

 



"Marche pour la Cérémonies  des Turcs" van  Lully, gedirigeerd , zoals het in de tijd van Lully gebruikelijk was, met een stok waarmee op de  grond  gestampt werd. Tragisch  is dat Lully door een infectie,  die hij opliep toen hij met zo'n stok  zijn tenen verwondde, stierf.

Bus op rails

 

De P.L.M. schreef begin jaren dertig een  wedstrijd uit voor de constructie van een  licht type autorails, een railvoertuig voor maximaal veertig passagiers. SOMUA (Société d'Outillage Mécanique et d'Usinage d'Artillerie),  in Saint-Ouen-sur-Seine, onderdeel van het machtige Schneider et Cie, bouwde een tweetal railvoertuigen, die het best omschreven kunnen worden als autobussen op rails. Er was plaats voor 53 passagiers, 40 daarvan hadden een  zitplaats, de rest moest staan. De driecylindermotor kwam uit Lille, gebouwd onder licentie van Junkers, door de Compagnie Lilloise des Moteurs en was gekoppeld aan een vierversnellingsbak, die de autorail een topsnelheid gaf van 90 km/u. Beide SOMUA's hebben op verschillende baanvakken dienst gedaan, het laatst in 1939 tussen Pontarlier en Vallorbe en Pontarlier en Gilley.

SOMUA had in de jaren twintig met de bouw van autorails al enige ervaring opgedaan, daartoe was een in 1883 geconstrueerd tweedeklasrijtuig min of meer gehalveerd en voorzien van een viercylindermotor, die zowel op benzine, benzol of alcohol kon functioneren. Voorzien van een vierversnellingsbak lag de maximale snelheid bij 60 km/u. Er bestond de mogelijkheid om een passagiersrijtuig aan te koppelen, waardoor de snelheid natuurlijk lager werd. Het succes van het prototype was zodanig dat er  door de État (de Franse staatsspoorwegen) opdracht werd gegeven voor een tiental exemplaren, daartoe werden tien tweedeklasrijtuigen uit 1883 benut en voorzien van een motor. Er was plaats voor twintig passagiers, maar door het meenemen van één of twee rijtuigen steeg dat per rijtuig met veertig.

Peugeot

Een Peugeot brandweerwagen uit 1915 van Lille. Type 153, dat ook als  personenauto leverbaar was. Gefabriceerd in Audincourt met een aantal van 800 stuks tussen 1913 en  1916. Een viercylindermotor met  een inhoud van 1420cc en een topsnelheid als brandweerwagen van zo'n 60 km/u.

Oom Wim 2

Het eerste dat opvalt bij dit interview met Wim Thomassen o.a. over het  ambt van burgemeester, hij was burgemeester achtereenvolgens van Zaandam, Enschede en Rotterdam,  is zijn prachtige combinatie  van overhemd en das. Maae ik ben gevoelig voor kleurencombinaties.

6.8.26

Blitzen Benz

Hémery's Blitzen Benz
Ik pak het in 1961 verschenen "Motor Racing Facts and Figures"* van Rodney L. Walkerley* en lees onder 1905 : "World Record, Ormonde Beach (moet zijn Ormond Beach, W.B.) Daytona, Florida: A.Macdonald (90 h.p. six-cylinder Napier, 104,65 m.p.h. (168,38 km/u, W.B.) the first Englishman on that course. On the following day H.L. Bowden (120 h.p. Mercedes 16 litres), claimed 109,75 m.p.h. (176,59 km/u W.B.) and at Arles, France, Hémery (Darracq) claimed 109, 65 m.ph. (176,43 km/u W.B.). Neither claim was recognized." Dit is slordig gehannes van Walkerley, want hij schrijft "the following day" maar noemt geen datum waarop Macdonald in Daytona het record gebroken heeft. Dat gebeurde, zo weet ik, uit andere bron op 24 januari. Wat bedoelt Walkerley trouwens met "neither claim was recognized"? Het record van alle drie coureurs of alleen dat van de laatste twee genoemden? Gelukkig vind ik Hémery wel in een andere lijst, dus aan zijn record kan niet worden geknaagd en aan dat van Arthur Macdonald evenmin. Hémery vinden we op 6 november 1909 terug wanneer hij, fabrieksrijder voor Benz, het wereldrecord in Brooklands op zijn naam brengt met een snelheid van 202,68 km/u. Een jaar later doet Barney Oldfield in Daytona met een soortgelijke Blitzen Benz een poging, maar dat record wordt niet erkend.

*uitgegeven door B.T. Batsford Ltd., Londen, 4 Fitzhardinge Street, Portman Square.


 

Oom Wim

 


Ik moet hem in de jaren tachtig voor de laatste keer ontmoet hebben. Dat was in Amsterdam bij een bijeenkomst van Nieuw Links. Ik stond bij de ingang en stak ogenblikkelijk mijn hand uit: " Dag Oom  Wim". Me meteen realiserend dat die  begroeting wel heel informeel  was. Maar  zo  kende ik  Wim Thomassen nu  eenmaal. Hij  had voor de oorlog samen met mijn vader in het hoofdbestuur van de AJC gezeten. Na de  oorlog, het moet in  1946 geweest  zijn, kwam hij in militair uniform, hij  was majoor bij het Militair  Gezag in de Zaanstreek, bij mijn ouders thuis in de Goudsbloemstraat in Leeuwarden en  ik mocht toen  hij wegreed bij  hem op schoot de auto sturen. Een fantastische ervaring voor een negenjarige. Nu is er een boek uit van Klaas Tammes: "Het spraakmakende leven van Wim Thomassen de rode burgemeester: De Drijver". Ik heb het bij wijze van spreken in een adem uitgelezen. Wat een power had Oom Wim.

5.8.26

Mormon Meteor 2

 


Op zeker moment werd de Curtissmotor uit de Mormon Meteor gehaald en de Duesenbergmotor opnieuw geïnstalleerd, bovendien werd de auto klaargemaat voor normaal straatgebruik. De  Curtissmotor kwam in de Mormon Meteor III. In 1939 behaalde Ab Jenkins alle 12 uurecords met  deze wagen en bereikte een 24 uurrecord van 259km/u, een record dat pas in 1990 werd gebroken.