28.10.26

Dump

 


Er was na de Tweede Wereldoorlog weinig meer over van een wagenpark waarmee goederen vervoerd konden worden, het is daarom niet verwonderlijk dat transportondernemers kozen voor overtollig oorlogsmaterieel. Ik kan me niet herinneren dat het woord dump toen gebruikt werd, maar nog jarenlang, tot ver in de jaren vijftig, zag ik, soms totaal verbouwde legertrucks. Ik heb het grote voorbeeld gevolgd en een aantal legervrachtwagens een civiel tintje gegeven. Vooral bovenstaande drietons Bedford was zeer in trek. Van de vrachtwagen hieronder ben ik niet zeker van de oorspronkelijke fabrikant, vermoedelijk is het het een AEC, de chroom radiateur zal hij tijdens de oorlog niet gehad hebben, maar aangezien het oorspronkelijke ontwerp ontleend was een een vooroorlogse vredesproductie, heb ik me deze vrijheid veroorloofd. De onderste vrachtwagen is een GMC, de oorspronkelijk canvashuif is vervangen door een houten opbouw. Soms was de oorspronkelijk auto nauwelijks te herkennen, vooral op het chassis van de jeep, we spraken dat woord destijds als jeep uit en niet als dzjiep, verschenen de meest merkwaardige houten bouwsels.

 


Telemann

 


Bremer Barock Orchester met Sonate in D groot van Georg Philipp Telemann 

Larmar

 


De door de voormalige vliegtuigingenieur Fritz Fend in 1948 gebouwde Fend Flitzer was bedoeld oorlogsinvaliden met een beenamputatie aan persoonlijk transport te helpen. Naar keuze was er een 38cc Victoriamotor of  een 98cc Sachsmotor. De Fend Flitzer werd uiteindelijk verder ontwlkkeld tot de Messerschmitt Kabinenroller De Britse firma Larmar zocht ook naar een oplossing om oorlogsinvaliden betere mobiliteit te verlenen en het bedrijf Larmar kwam met een zeer smal wagentje met een ééncylinder BSAmotor met een inhoud van 249cc.

27.10.26

Hondje

 
Sodompie is een Bichon à Poil Frisé, volgens een bekende hondenencyclopedie een levendig, vrolijk en aanhankelijk, in Frankrijk en België ontstaan hondenras dat met name in de Verenigde Staten furore maakt, maar volgens Gomorra, de hond van de buren, een klein loeder, voortdurend uitdagend aan de blaf, een witte miniatuurtreiteraar die hij dolgraag in tweeën  zou willen bijten, maar die uiterst geraffineerd hem steeds iets te snel af is en vanachter het tuinhek of van achter de hakken van de schoenen van de buurvrouw zijn enorme keel opzet. Sodompie daarentegen vindt alle andere honden uit de straat - want veel verder komt ze tijdens haar wandelingen niet - dus ook Gomorra - stankmachines, voor wie zelfs een wekelijks bad niet is weggelegd, terwijl zij iedere dag wordt gebaad, geföhnd en met een hondenparfum van een roemrucht Frans modehuis wordt besprenkeld.

 

Ergernis 1

Bij tijd en wijle wil ik op het internet iets bestellen maar voordat ik dat kan doen moet ik melden hoeveel stoplichten of autobussen op een voorgeschoteld plaatje staan.

 

 

 

 

 

 

Electra

 


Jeantaud
Als het aan de politiek ligt rijden we over een tiental jaren allemaal electrisch, diezelfde politiek zorgde er ook voor dat in plaats van één, minimaal vijf dieseltjes dagelijks mijn straat komen vervuilen omdat er meer concurrentie in de pakketbezorgdienst diende te komen. En juist die dieselende bestelwagens zouden nu al vervangen kunnen worden door electrische, want grote afstanden rijden ze niet.
Vanaf het eerste begin - en dat was al voor 1900 - namen electrische auto's het op tegen benzinewagens, het was nota bene een electrische auto die het eerste erkende wereldsnelheidsrecord vestigde, de Jeantaud met graaf Gaston Chassseloup-Laubat aan het stuur: 63 km/u. 
De rol van electra raakte echter spoedig uitgespeeld, omdat electra over een korte afstand weliswaar voor een snelheidsexplosie kon zorgen maar zodra er een grotere afstand moest worden afgelegd dienden de accu's worden opgeladen en exact dat probleem speelt vandaag de dag nog steeds de belangrijkste rol. In de Verenigde Staten bleven electrische auto's langer populair dan in Europa, in de grote steden waren ze de eerste decennia van de vorige eeuw in trek bij gefortuneerde dames, met name omdat ze eenvoudiger te bedienen waren dan benzineauto's.
Pas na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog kreeg electra een tweede kans, benzineschaarste  zorgde ervoor dat in Frankrijk zich zeker negenentwintig kleine, maar ook grote, contructeurs zich met de ontwikkeling van electrische auto's gingen bezighouden. Soms bleef het bij een enkel exemplaar, maar de Électra van Pierre Faure, die middels een gewoon stopcontact kon worden opgeladen was wel degelijk in de handel voo iets minder dan 20.000 francs, terwijl een Peugeot 202 25.200 francs kostte. De actieradius bedroeg ongeveer 75 km. De enige grote fabriek die zich  aan een electrisch avontuur waagde was  Peugeot met de VLV, leverbaar vanaf 1 mei 1941 en waarvan 377 exemplaren  werden verkocht. De actieradius lag tussen 70 en 80 kilometer met een snelheid van 30 km/u.
Peugeot VLV

 

Young

 


Count Basieband met op tenorsax Lester Young (foto) in 1938 met "Swinging the Blues"