20.3.10

Bernard

Annejet van der Zijls "Bernard" gelezen. Slotindruk: breedsprakig, te uitvoerig, maar het boek geeft desondanks toch een goed inzicht in het karakter van de man, die her en der in het vaderland nog steeds bejubeld wordt. Met te uitvoerig bedoel ik de overkokende woordenpap om iets te verduidelijken, zoals de sfeer in Berlijn gedurende de jaren twintig. Of waarom de lezer moet weten dat de auto die Bernards vader aanschaft, een Maybach W3, een chassis heeft dat 1650 kilo weegt en geproduceerd wordt door een firma die na 1918 noodgedwongen van de productie van zeppelinmotoren op die van auto's was overgestapt. Soms is Van der Zijls behoefte tot completering zo groot dat ze klaarblijkelijk geen tijd heeft gehad om de juistheid van haar opsomming te controleren. Op bladzijde 348 staat een lijstje met door Bernard na de oorlog bijeengegraaide vliegtuigen: "verkenners van de types Vigilant, Sentinet en Storch, twee Siebel 204 transportvliegtuigen, een Messerschmitt Taifun - naar eigen zeggen losgepeuterd bij de Franse generaal De Gaulle - en een Douglas C47 Dakota, die voor een zacht prijsje overgenomen was via Eisenhowers stafchef Bedell Smith." Ik had het maar bij drie verkenners, drie transportvliegtuigen en een sportvliegtuig gelaten. Want zoals het er nu staat is het onbeholpen, de ene keer noemt Van de Zijl fabrikant en type, de andere keer alleen het type. Compleet zou er behoren te staan Stinson "Vigilant" (foto), Stinson "Sentinel" (niet Sentinet), Fieseler "Storch", Siebel "Si 204D", Messerschmitt "Taifun" en Douglas "C47", hier beter bekend als "Dakota".
Over de kwaliteit van de in het boek afgedrukte foto's en documenten, zwijg ik maar.