21.4.26
Alkan
Toen W.F. Hermans' roman "Au Pair" in 1989 uitkwam had ik nog geen
computer en YouTube kwam pas zestien jaar later; ik neem dit boek als
voorbeeld, maar ik zou ook E. Annie Proulx's "Accordion Crimes" uit
1996 kunnen nemen, want in beide romans is sprake van muziek en zonder
daar een noot van te horen blijft het lezen een wonderlijke bezigheid.
Hermans' au pair Pauline studeert kunstgeschiedenis en Frans in Parijs,
en woont na een slechte start, bij een familie waarbij van haar
aupairschap, in de normale zin van het woord, niets geëist wordt. De
oude generaal waarbij Pauline haar intrek neemt verzamelt tekeningen van
Constantin Guys en zijn zoon Michel speelt muziek van een vriend
van Chopin, Charles-Valentin Alkan, componist en pianovirtuoos.
Merkwaardig dat in "Au Pair" geen enkele tekening van Guys is opgenomen,
dat er moeilijk een CD-tje met werk van Alkan kon worden toegevoegd,
begrijp ik. Guys, (net als Pauline geboren in Vlissingen) werd in een
essay van Baudelaire "Le Peintre de la Vie Moderne" genoemd en een
afbeelding had die mening kunnen onderstrepen, vandaar deze illustratie.
Van Alkan ontdekte ik op YouTube iets wonderlijks, waarvan ik me afvraag of hij het instrument, een piano-pédalier, heeft voorgeschreven. Het is als het ware een gestapelde piano,
waarbij de onderste, net als bij een orgel met pedalen wordt bespeeld.
Daarom voeg ik nog een andere compositie van Alkan toe: Etude opus 76 No.3 "Rondo Toccata in C".
Nu weten u en ik eindelijk waar Hermans het over heeft.
Ingewikkeld
Airspeed, opgericht in 1934, heeft een ingewikkelde geschiedenis, want de aandelen die oorspronkelijk in handen waren van de befaamde scheepswerf Swan, Hunter en Wigham Richardson gingen in 1940 over in handen van De Havilland, maar Airspeed in Portsmouth behield zijn eigen identiteit. De "Oxford" werd ontwikkeld uit de "Envoy", een civiel transportvliegtuig, als een tweemotorig trainingstoestel en niet alleen gebouwd door Airspeed, maar ook door De Havilland, Percival en zelfs door de autofabrikant Standard Motors. Er zijn vijf verschillende versies van de "Oxford" geconstrueerd en uiteindelijk werd een aantal na de Tweede Wereldoorlog verbouwd tot licht transportvliegtuig: de "Consul". De Israelische "Oxford" had twee Armstrong Siddeley "Cheetah"-motoren van 365PK elk, de snelheid van het toestel lag net boven de driehonderd kilometer per uur.
20.4.26
Excelsior
Opnieuw een Belgische auto, maar van een heel ander kaliber, want de allereerste auto die ooit tijdens de '24 Uur van Le Mans' startte was deze Excelsior 'Albert I'. Dat gebeurde op 26 mei 1923. Er deden uiteindelijk 35 auto's van 18 fabrikanten mee (Voisin trok zijn twee wagens terug): 16 Franse, 1 Belgische en 1 Britse. Ik heb maar één foto van de start kunnen vinden, waarop beide deelnemende Excelsiors duidelijk het veld aanvoeren, alhoewel een Lorraine-Dietrich al bezig is aan een inhaalmanoeuvre. De 'Albert I' was genoemd naar de Belgische koning, dat was destijds niet geheel ongebruikelijk, want Hispano-Suiza noemde een auto naar de Spaanse koning Alfonso XIII. De motor van de 'Albert I' had een cylinderinhoud van 5, 3 liter. De équipe André Dills/ Nicholas Caerels met deze nummer 1 eindigde op de zesde plaats.
Minerva
Er
zijn meer autofabrieken in België geweest, maar de meest beroemde was
Minerva in Antwerpen-Mortsel. Sylvain (eigenlijk Salomon) de Jong,
geboren in Amsterdam op 5 januari 1868, startte, zoals zoveel andere
autoconstructeurs met de bouw van fietsen, nadat hij eerst Engelse
fietsen had geïmporteerd en vervolgens in Engeland gezien had hoe je
een rijwiel bouwde, met de firma Mercury Cycle Co. Na een stage in de
Verenigde Staten stichtte hij met zijn broer Jacques een nieuw bedrijf
S. de Jong en Co. om fietsen met de naam Minerva te construeren. In 1899
verlieten iedere week 200 fietsen de fabriek, destijds gevestigd aan
Jacobsstraat. Vanaf 1900 kwamen daar motorfietsen bij en in 1902
verliet de 5000ste motorfiets de fabriek. Intussen was de eerste
Minerva-auto te zien geweest op de Rijwiel- en Automobielsalon in
Antwerpen in mei 1899 en vanaf 1903 werd in Antwerpen Berchem de
"Société Anonyme Minerva Motors" gevestigd, met alls directeuren de
heren Sylvain de Jong en David Citroën, laatstgenoemde behalve een oud-
vriend van Sylvain de Jong, een tot Brit genaturaliseerde Nederlander,
die Minerva-importeur was in Londen. Op de foto een
Minerva-brandweerwagen uit 1934 met een voor Minerva kenmerkende
schuivenmotor met zescylinders en een inhoud van 6200cc. Sylvain de Jong
was zes jaar eerder na een langdurig ziekbed overleden.
19.4.26
Grofé
Ferde Grofé (1892-1972) eigenlijk Ferdinand Rudolph von Grofé, orkestreerde o.a. Gershwins "Rhapsody in Blue", maar dit is één van zijn eigen composities "Grand Canyon Suite".
EBR
Willys-Overland
zette meer dan één civiele versie van de inmiddels legendarische "Jeep"
in de markt, in Europa - de oorlog was nauwelijks voorbij - was
iedereen druk bezig zijn eigen klein vierwielig voertuig te bouwen of
tenminste na te bouwen. Maar er was natuurlijk ook zwaarder materieel
nodig, hoofdzakelijk om elders orde op zaken te stellen. Te onzent
noemde men zulks eufemistisch "politionele acties", maar het was
natuurlijk gewoon een koloniale krijg. Frankrijk zette in de Maghreb
bovenstaand voertuig in en Portugal deed elders in Afrika exact
hetzelfde. Het is de Panhard EBR, waarvan in 1940 een voorganger in de
vorm van de AMR 201 was geconstrueerd en waarvan de ontwikkeling in
1948-'49 leidde tot de symetrische Engin
Blindé de Reconnaissance uitgerust met een
zeslitertwaalfcylinderluchtgekoelde motor ontleend aan de
luchtgekoeldetweecylinder die in het vooronder van de Panhard "Dyna"lag.
Vierwielgestuurd en een topsnelheid van 115 km/u. De bemanning bestond
uit vier personen: 1 commandant, 2 chauffeurs en 1 schutter.
18.4.26
Pluto enz.
Grofri
staat voor Grosse & Friedmann in Altzerdorf bij Wenen, een fabriek
die de Franse Amilcar in licentie bouwde, de auto op de foto is een
Weense versie uit 1927 van de Amilcar 4CGS. De Amilcar werd ook in
Italië gemaakt maar dan met geïmporteerde onderdelen en van een
Italiaanse carrosserie voorzien. In Duitsland werd de Amilcar in
licentie gebouwd door de Ehrhardt Automobilwerke AG in
Zella-Mehlis/St.Blasii, een fabriek tot 1924 in de hoge prijsklasse
automobielen bouwde, maar in 1924 overschakelde naar de licentiebouw van
Amilcar onder de naam Pluto. In 1927 werd met de fabricage gestopt.
Tuba
(wanneer u op de uitroeptekens clickt hoort u een tuba bespeeld door de
beroemde Noorse tubist Øystein Baadsvik, die Vivaldi's "Winter" onder
handen neemt, dat is opmerkelijk want het instrument dateert pas van
1829 en Vivaldi leefde van 1678- tot 1741. De tuba speelde in de
begintijd van de jazzmuziek een voorname rol als basinstrument omdat de gestreken of geplukte bas lastig viel op te nemen, de mooiste solo uit dat tijdperk is ongetwijfeld deze van Cyrus St. Clair in "Red River Blues".
17.4.26
Meer over broeken
Je ziet ze weinig meer:
plusfours. Plusfour staat zelfs niet meer in het Nederlands - Friese
deel
van het Frysk Wurdboek, ik wilde de spelling nakijken en greep het meest
voor de hand staande woordenboek, omdat ik aarzelde of ik plusfours of
plus-fours moest schrijven. De plusfour was als het jeugdkleed van de
mantelmeeuw, geen kuiken, maar ook niet volwassen. Het was een wat
genante dracht en behalve een enkeling, zoals Albert van Sondel uit mijn
klas, probeerden we de plusfour, door hem laag op de schoenen te laten
hangen, zoveel mogelijk op de gewenste lange broek te laten lijken.
Albert droeg hem echter hoog en had er ook nog witte kniekousen onder,
hij is later dan ook bij de marine gegaan. Als ik erover nadenk is het
vreemd, als kind wilde je zo snel mogelijk uit de korte broek in de
plusfour om daarna die, na een paar jaar, in te wisselen voor de lange
broek, nu zie ik bejaarde mannen, zonder enige schaamte in het goyse dorp met geiwe dorp
winkelen in korte broek.
16.4.26
Royal
Op 3 december 2007 werd deze Buick model 1936 verkocht voor het
respectabele bedrag van £100.500. Er moet dus iets bijzonders met de
auto aan de hand zijn, want het prijskaartje is wel erg hoog. Het is
Limited Series 90 Eight Limousine met een carrosserie van McLaughlin,
een auto die oorspronkelijk eigendom was van de Prince of Wales, de
latere koning Edward VIII, die de wagen in 1935 bestelde bij Landrum
& Hartman Ltd. in Londen, omdat hij van mening was dat een Britse
firma geen auto naar zijn specificaties kon leveren, want er moesten de
volgende zaken worden ingebouwd: een bar, leeslampjes, een
schrijftafeltje, radio, een sigarenkabinet, een juwelenkastje, speciale
kastjes om lunches op te bergen en een la voor de telefoongids van
Londen. De specificaties werden doorgegeven aan de Buickfabriek in
Oshawa in Ontario in Canada. In januari 1936 stierf koning George V en
in februari werd de Buick aan, nu koning Edward VIII afgeleverd. Vanwege
het feit dat hij voor Wallace Simpson koos deed hij in december 1936
afstand van de troon, op 10 december liet hij zich met de Buick naar
Downing Street 10 vervoeren om premier Baldwin daarvan op de hoogte te
stellen. Vermoedelijk is de foto op die dag genomen. Op 11 december reed
de Buick naar Portsmouth en werd de wagen naar Frankrijk overgebracht,
vandaar reed de ex-koning nu Duke of Windsor naar Cannes. De auto bleef
nog drie jaar in zijn bezit .
Caroline (dus niet Kerrolain)
De nadruk in het technisch museum in Brno ligt op trams. "Caroline" uit 1889 (foto)
is een tramlocomotief gebouwd door Krauss in Linz. Georg Krauss
(1826-1906) werkte na zijn studie bij Maffei in München en vervolgens
bij de Beierse staatsspoorwegen en de Zwitserse Nordbahn, voordat hij
locomotieven ging bouwen. "Caroline", oorspronkelijk in dienst van de
buurtspoorwegen van Brno, was in de jaren negentig aanwezig op een
stoomevenement van het spoorwegmuseum in Utrecht.
Mechanisch orkest
De geschiedenis van een mechanisch orkest - een Orchestrion - is natuurlijk al lang voorbij, toch blijven mensen er door gefascineerd.
15.4.26
White
White maakte in de jaren dertig vrachtwagens voor elk doel, van kleine
bestelwagens voor de melkboer tot trucks met V12-motoren. In 1937 werd
een verkenningswagen voor het Amerikaanse leger ontworpen, de M3A1,
waarvan uiteindelijk meer dan 20.000 zouden worden gebouwd en die
behalve in het Amerikaanse leger ook dienst deden in het Britse,
Canadese en Russische leger. De van dezelfde neus voorziene halftrack,
de M3 (foto boven) was tot
ver na de Tweede Wereldoorlog overal te vinden. De M3 had een
zescylinder Whitemotor met een inhoud van net geen zeseneenhalve liter.
Natuurlijk kwamen er derivaten met een andere codering, die ook door
andere vrachtwagenfabrieken werden gebouwd.
In 1939/40 construeerde White onder de naam "White Horse". een interessante bestelwagen met een viercylinder luchtgekoelde motor achterin.
In 1939/40 construeerde White onder de naam "White Horse". een interessante bestelwagen met een viercylinder luchtgekoelde motor achterin.
Begin 1949 werd onderstaande COE-(cab over engine)-truck geintroduceerd, de cabine kon binnen een halve minuut gekanteld worden.
14.4.26
Jaguar
Ongetwijfeld roept een beetje autokenner bij het zien van bovenstaande foto: "Ha, een Jaguar" en dan heeft hij/zij niet ongelijk, al heette alleen het model, toen de wagen in 1936 werd geïntroduceerd, "Jaguar", want de fabriek in Coventry noemde zich tot 1945 S.S. Cars Ltd. S.S. sloeg op Swallow Sidecars, de heren Lyons en Walmsley waren namelijk met de bouw van zijspannen voor motorfietsen in 1921 begonnen, zes jaar later gevolgd door sportief ogende carrosserieën op Austins en andere kleinere auto's, waaronder Swift en Standard. Een wagen van laatstgenoemd merk was ook de basis voor de eerste S.S. in 1932. De "Jaguar" had eveneens een Standardzescylindermotor van 2,7 liter, al was er wel het een en ander aan verbouwd. In 1945 veranderde de fabriek de naam van S.S. Cars Ltd. in Jaguar Cars Ltd. en in 1948 was bovenstaand model in productie met een 2,7 en een 3,5 liter motor.
Schaal
Voor
modelauto's geldt een aantal schalen, waarop ze gebouwd worden. De
bekendste, 1 op 43,5 en 1 op 87, zijn ontleend aan de modelspoorwegbouw
en heten daar spoor 0 en spoor H0. Maar wees ook daar niet verbaasd als
bij nameting de verhoudingen niet helemaal correct blijken te zijn.
Bovendien gooien de Britten roet in het eten, want alhoewel ze op 1/87
spoor rijden is hun spoorwegmaterieel 1/76. Hier staan drie verhoudingen
achter elkaar: vooraan een Frans locomotiefje exact op schaal 1/87,
daarachter een Engelse locomotief 1/76 en achteraan een Amerikaanse
goederenwagen op schaal 0, maar omdat de fabriek zelf wist dat 1/43,5
niet klopte, noemde hij het schaal 027.
Konden
de Dinky Toysauto's uitstekend dienst doen op een 0-spoorbaan, voor
zo'n baan had je heel veel ruimte nodig en dus nam de populariteit van
het kleinere spoor toe. Dinky kwam met een aantal Dublo Dinky's om die
spoorbaan aan te kleden.13.4.26
Fly Away
Trombonist/zanger Glen David Andrews uit New Orleans vond ik in een kerk
met hoogst waarschijnlijk de meest opgenomen gospel aller tijden: "I'll fly away", een compositie van Albert E. Brumley uit 1929. De melodie is ouder en is ontleend aan een seculier lied.
Kinderbakfiets
De vaderlandse driewieligekinderbakfiets heeft voorgangers gehad. Dit is Gladys Armond in 1926 of
'27 ergens in Noord Londen op een heel elegant ogende kinderbakfiets.
Let op het olielampje.
Namen
De Britse koning heet Charles, eigenlijk Charles III, zijn voorgangers Karel I en Karel II. Een hele rij Franse koningen noemen wij Lodewijk, terwijl ze eigenlijk Louis heetten. Waarom dan Lodewijk, terwijl Louis in Nederland een gewone jongensnaam is, ik heb er in ieder geval twee goed gekend. Waarom moet er op Máxima een accent aigu, terwijl prins Heinrich prins Hendrik genoemd werd. En waarom spreken we over koning Felipe VI van Spanje terwijl we een van zijn voorgangers Philips II noemen. Waarom die s achter zijn naam en die ph? We veranderen toch de f niet voortdurend in een ph? Dat eilandje in de Perzische Golf heet Kharg, wij kunnen het zonder enig bezwaar toch Charg noemen en Khartoem Chartoem?
12.4.26
Rem
Britten
hebben het niet zo op de terugtraprem en in een geaccidenteerd terrein
zijn zowel een rem op het voor- als op het achterwiel natuurlijk ook
beter. Op de foto de rem op het achterwiel van een
Raleigh-kruisframefiets uit 1905 met een Sturmey-Archerversnellingsnaaf,
want anders dan wel eens gedacht wordt, dateert die uitvinding al van
1902.
Subscribe to:
Comments (Atom)



































