6.1.10

Wobbe

"Woutertsje is gin soademyter feranderd, as je hem froeger gin stukje op je fytske ryde liet, dan mochten je nyt op syn ferjaardag komme."

5.1.10

Amsterdam

een op het strand kruipend jongentje
Morgen naar Leeuwarden, een plaats waar ik, anders dan aan Drachten, plezierige herinneringen bewaar. Toch heb ik ook over Drachten op dit blog geschreven. Over de herinneringen daarvoor, aan Vierhouten en aan Amsterdam, mijn geboorteplaats, heb ik zelden iets genoteerd. Toch moeten daar mijn oudste herinneringen liggen, maar ze zijn er maar in mondjesmaat. Van Vierhouten herinner ik me alleen maar bomen en dat een auto, die mijn vader naar het ziekenhuis in Ermelo bracht, over mijn speelgoedautootjes heenreed en ik dat erger vond, dan dat mijn vader naar het ziekenhuis ging. Amsterdam is vaag: ik moet rond 10 mei 1940, niet aan de hand van mijn moeder, maar aan de hand van een andere vrouw naar een neergestort vliegtuig zijn gaan kijken. Er zijn foto's en een filmpje van een vacantie in Bergen aan Zee in 1938, ik ben een op het strand kruipend jongentje, maar het zou net zo goed een ander kind kunnen zijn, want ik herinner het me niet. Wat ik me herinner heeft vaak te maken met pijn. Ik ben van een trapje gevallen en zit aan een keukentafeltje. Ik heb middenoorontsteking en lig in een donkere kamer, mijn vader komt binnen met een cadeau, een ambulance-auto, die ik vanaf mijn bed kan besturen, maar ik wil de auto vasthouden. Er komen donkere vlekken op de lakens. Dan houdt mijn herinnering op. Wat er daarna is gebeurd, weet ik uit het verhaal van mijn vader: mijn moeder wilde zo'n vlekkengevend voertuig niet in huis en liet de ambulance ruilen tegen een electrische trein. Die trein heb ik nog altijd. Er was toen meer pijn, ik val en heb een gat in mijn hoofd. Veel wit en veel licht. Het moet in Naarden zijn gebeurd en ik ben in een ziekenhuis geweest, maar dat weet ik uit latere verhalen van mijn ouders. Er was een spionnetje, zo'n spiegeltje, waarmee je kon kijken wie er beneden voor de deur stond in het huis van mijn grootouders. Drie keer pijn, een neergestort vliegtuig en een spiegeltje dat is alles wat ik me van Amsterdam herinner.

die trein heb ik nog altijd

3.1.10

Geen geknal


De heer Ozenfant neemt het ervan: eindelijk geen geknal aan zijn kop

MG TC


De heer Ruysdael is net zo'n verwoed automoblist als de heer Ozenfant en toen vriend E.G. te Morra vanmorgen zijn eerste proefrit maakte in zijn pas gerestaureerde MG TC was de heer Ruysdael uitteraard mee van de partij.

Buitenhof 2

Van het vooroorlogse Amsterdam herinner ik me maar weinig en van wat ik me herinner vraag ik me af, of dat echt mijn eigen herinneringen, of dat het later door mijn ouders vertelde verhalen zijn. Van de Amsterdamse tram, we verhuisden naar Vierhouten medio 1940, herinner ik me niets. Pas eind 1945 kwam ik met ouders en zusje voor een paar dagen in de stad terug. Ik was toen negen, we moeten met de tram van het Centraal Station met lijn 9 naar Oost gereden zijn. Maar ik weet het niet meer, over die dagen hangt een waas van droefheid, niet mijn eigen droefheid, maar die van de volwassenen, die zoveel familieleden misten. Pas in 1953 gaan trams, electrische trams, een rol in mijn leven spelen. Haagse trams, want we verhuizen van Leeuwarden naar Den Haag en er blijkt in die stad op tramgebied veel te genieten: de HTM-stadstram, de zogenaamde buitenlijners van dezelfde maatschappij naar Wassenaar en Leiden en de blauwe trams van de NZH naar Scheveningen, Voorburg en Leiden. Waarom ik prentbriefkaaarten verzamel van Haagse trams en niet van Amsterdamse trams begrijp ik, ik heb ook meer boeken over de Haagse dan de Amsterdamse tram en ben zelfs donateur van het Haags Openbaar Vervoer Museum. Ik ben dan wel geen Hagenaar in de ware zin des woord, maar ik heb met die stad meer dan met mijn geboortestad en kijk naar bovenstaande kaart en stel in mijn hoofd de verschillen vast met de huidige situatie. Dat standbeeld van Willem II is weg, net als al die merkwaardige pleintjes en die prachtige bomen. De tram, een tweeramer met een voormalig paardentramrijtuig als aanhangwagen, een zomerrijtuig uit de serie 400, is ongetwijfeld onderweg naar het Plein, over het Binnenhof, want daar reden tot kerst 1924 trams.

Partij voor de Dieren

Vanmorgen eerst maar eens gekeken wat de Partij van de Dieren te melden had over vuurwerk (in Nederland ging tijdens de jaarwisseling 68 miljoen euro de lucht in) en huisdier. Niets, Marianne Thieme, de Wilders van die partij, was maandag in Apeldoorn bij de eerste Meat Free Monday daar. Nu heet Meat Free in gewoon Nederlands vleesloos en Monday maandag, maar weet Thieme veel. Zij behoort tot het soort vaderlandse krankzinnigen, dat meent dat een uitverkoop alleen maar slaagt als er "SALE" op de winkelruit staat en een spoorkaartje ticket heet. De website van de Partij voor de Dieren roept me op lid te worden als welkomstgeschenk kan ik kiezen uit allerlei cadeautjes: een powerplus rhino am/fm zaklamp, het nieuwste boek van de partijleidster "Het gelijk van de dieren, het geluk van de mensen", de "big cat shopper" (een "duurzame PP woven shopper", zie foto), diverse vegetarische kookboeken, een pluche koe en de dvd "Meat the Truth". Ik ga me niet aanmelden, niet alleen vanwege de ontkenning dat in dit land Nederlands de voertaal is, maar ook omdat ik een merkwaardige smaak in de mond krijg van partijen die een boek van de aanvoerder als welkomstgeschenk weggeven. Overigens roep ik, mede namens de heer Ozenfant, iedereen op geen fietsen, kleding, spijkers o.i.d. meer aan te schaffen bij winkels, die tijdens een jaarwisseling vuurwerk verkopen.

2.1.10

Feuerzangenbowle & Tati

Panhard in de sneeuw
Op Oudjaarsdag naar Noord-Friesland, per Panhard naar een afgelegen boerderij in Morra om precies te zijn, voornamelijk ten gerieve van heer Ozenfant, die het afgaan van iedere zevenklapper beschouwt als een aanslag op zijn leven en luid keffend en uitglijdend op het parket het onheil tracht te lijf te gaan. Korte stop in Damwoude, de wat wonderlijke klinkende samenvoeging van drie dorpen, die eens Dantuma-, Murmer- en Akkerwoude heetten, in het winkelcentrum zingt een shantykoor, waarom zo'n koor shantykoor heet is een raadsel, want ik hoor geen enkel lied dat lang geleden het de zeeman mogelijk maakte gezamenlijk de arbeid op een zeilschip te verrichten. Nee, ik word verwelkomd met "Ik heb je voor het eerst ontmoet, daar bij de waterkant", dat ooit, zij het met een andere tekst, een gospel was. Maar enthousiast zingen kunnen ze daar in Damwoude.
hoe de heer D. Ruysdael onlangs een haas ving
Op C. en E.'s boerderij woont ook de heer D. Ruysdael, de enige hond met wie de heer Ozenfant op vriendschappelijke voet verkeert, het begroetingsritueel vindt in de keuken plaats de heer Ozenfant start van links, de heer Ruysdael van rechts: vervolgens stuiven ze op hoge snelheid langs elkaar heen, proberen op de houten vloer af te remmen, keren om en zetten de renparij voort, niet achter elkaar, maar langs elkaar. Ik heb de ingrediënten voor een "Feuerzangenbowle" meegebracht, aangeschaft in Münster, alhoewel de daar wonende vriend U, me vertelde dat die Sylvesterdrank in Duitsland jaren geleden voor het laatst gedronken werd en ik een enorm nostalgische natuur bezit. Hij heeft ongelijk, want het warenhuis Karstadt levert niet alleen suikerkegels, Strohrum van 80%, maar zelfs de V-vormige vuurtang met gaatjes onderin, waardoor de brandende rum met de smeltende suiker in de warme wijn druipt. We kijken intussen niet naar een film van Heinz Rühmann, maar naar een paar films uit de schitterende Jacques Taticollectie van vriend E. Eerst, de kort voor Tati's dood voor de Zweedse televisie gemaakte "Parade" (waarin o.a. deze tennisscene), daarna naar "L'École des Facteurs", een vroege aanzet tot Tati's meesterwerk "Jour de Fête". De postbodeschool is hier in twee delen te bekijken.

Tati in "L'École des Facteurs"