Op de hoek van de Grote Marktstraat en de Wagenstraat stond het pand van de Haagsche Courant, liep je een paar meter de Wagenstraat in dan vond je daar een uitstekende tijdschriftenwinkel met o.a. Franse jazz- en autobladen. De eigenaar was een wat norsige man, die in de verte wat op André van der Louw leek, maar dat wist ik toen nog niet want die zou ik pas een paar jaar later leren kennen. In maart 1959 zat ik in dienst en moet ik bijvoorbeeld "Jazz Hot " missen en om toch enigszins op de hoogte te blijven kocht ik het Nederlandse blad "Rhythme". Dat was afzien. Frank Visser beschreef in "Uit de konsertzaal" een optreden van Sonny Rollins als volgt: "Anders dan een verschijnsel kan ik hem niet noemen: een vleesgeworden symbool van jazzuitingen, die aan het waanzinnige grenzen. (......) Deze man is geestesziek. Rollins moet in de greep zijn van een angst de techniek niet de baas te kunnen; angst om te zullen falen, dat het instrument hèm overwint... Zijn aan waanzin grenzende doubletimes, ontstellend lange passages gedoedel van één loodgrijze kleur liggen buiten alle de jazzproporties, zelfs buiten de proporties die Parker zich verloven kon in tijden van inspiratieloze zenuwinstortingen".
15.5.25
Hobbedobbe 3
Het duizelde hem toen hij wegfietste, zelfs het woord Hobbedobbe was niet gevallen. Het gesprek, nou ja gesprek? Speestra's redevoering was eigenlijk alleen maar over varkens gegaan en over de all dan niet empathische gevoelens van de Friezen voor de zwarte medemens. Leaver dea as slaef, hoe kwam je er godverdomme op? Moest hij wat de Hobbedobbe betreft contact opnemen met de krant? Hij schudde zijn hoofd. Er was maar één krant en die was in het grijze verleden ook al eens fout geweest. Hij was bijna thuis toen hij gemeenteraadslid Sipke Fluimstra inhaalde, die riep: "Hé Oerstallinga, wat ik je vanmiddag nog vergeten heb te vertellen: het buurtje dat in de plaats van de Hobbedobbe komt gaat Obe Slotplantsoen heten, ter herinnering aan de man die de het standbeeld van de heilige drievuldigheid aan de gemeente heeft geschonken en aan zijn kleinzoon bumperjumper Obe junior, zo jammerlijk omgekomen bij bumperjumpen in Leeuwarden. Het standbeeld van de drievuldigheid wordt er ook naar toe verplaatst. Je kunt de tekeningen inzien op het gemeentehuis."
Hoe zei korporaal Jones het ook alweer? O, ja: "Don't panic. Don't panic." Er moest toch een manier zijn om het onzalige plan stop te zetten. De Hobbedobbe moest hoe dan ook bewaard blijven. Dan bouwden ze het nieuwe wijkje er maar omheen. Misschien moest hij wel stickers laten maken. In het Nederlands dat wel, vanwege de Hollandse import in het dorp. En meteen daarop dacht hij: Staterinx, die man uit Soest, altijd in de weer voor de natuur. Dat hij daar niet eerder aan gedacht had. Misschien kwam het grijze paarlmoermotje wel voor in de Hobbedobbe? Of de vlakbuikgehoorndeneuspad? Hij noemde maar wat. In elke geval wist hij dat sommige wegen in Nederland niet waren aanglegd omdat er een zeldzame diersoort huisde of een plantje als het dwarsgeweldehelmgras. Hij begon sneller te trappen. Op naar Staterinx en meteen met de deur in huis vallen en zich niet het gedrag van Speestra laten welgevallen.Hij moest twee keer bellen voor de deur bij Staterinx werd opengedaan. "Is je vader thuis?" begon hij. "Ja, mijn man is thuis", kwam het antwoord. "Wie kan ik zeggen of beter waar komt u voor?"
De heren zaten gebogen over een aantal kaarten aan de eetkamertafel toen hij binnenkwam. "U wilt iets opmerken over de natuur in het dorp, die gaat u ter harte? Dat is mooi, hoe meer mensen geïnteresseerd zijn in alles wat leeft en bloeit en altijd weer boeit, des te beter", zei Struynderboon .
"Ja, daarom begrijp ik niet dat een schitterende vijver als de Hobbedobbe plaats moet maken voor een onbenullig woonwijkje." Zo dat was eruit, alleen had hij misschien het woord onbenullig niet moeten gebruiken.
Struynderboon keek Staterinx vragend aan: "Hobbedobbe? Dempen?" "De Hobbedobbe is inderdaad een vijver die gedempt gaat worden omdat er een tekort is aan bouwgrond voor betaalbare woningen", zei Staterinx. "Gezichtbepalende natuur met zeldzame diertjes en grasjes?", vroeg Struynderboon.
Hij zei: "Van die diertjes en grasjes, weet ik niet, maar ik vermoed wel dat ze er zijn en gezichtsbepalend is de Hobbedobbe zeker!" "Dat kan natuurlijk van iedere vijver gezegd worden", zei Struynderboon, "maar uiteindelijk gaat het bij ons om de diertjes en de grasjes en of de Hobbedobbe beschermd dient te worden kunnen we op deze kaart zien", en hij wees op een plattegrond van het dorp. Staterinx pakte een vergrootglas en Struynderboon ging daarmee op zoek naar eventuele rode stippen die de aanwezigheid van zeldzame natuur zouden tonen. "Rond de Hobbedobbe en in de Hobbedobbe is geen enkele rode stip te zien, dat betekent dat wij als vereniging geen bezwaar kunnen maken. Wij kunnen dus niets voor u betekenen, want wij kunnen wettelijk pas ingrijpen en bezwaar maken als er sprake is van plannen om ernstige schade toe te brengen aan bijzondere natuur. Dat is heel nauwkeurig omschreven."
Vrachtwagens
14.5.25
Hobbedobbe 2
Hij zou het vanavond nog eens proberen, want dat Speestra nu alweer in zijn vakantiehuisje op de camping in Świnoujście (Schwinemünde) zou zitten leek hem vreemd. Het gaf hem tijd een strategie te bedenken, want achteraf was het misschien niet zo verstandig geweest meteen een brief met de vraag om ondersteuning naar "Ús Deasnokje" te sturen. Het had niets uitgehaald, sterker nog zijn brief had zoals het er nu voorstond het tegendeel bewerkstelligd en zou betovergrootvaders Hobbedobbe voorgoed laten verdwijnen.
Toen hij om twintig over acht het erf van Sybert Speestra opfietste stond diens BMW voor de garage geparkeerd, Sybert was dus thuis en voordat hij aangebeld had ging de deur al open: "Kom er in Oerstallinga. Ik ben net terug uit Polen, drie megavarkensstallen, van vijftigduizend elk, speciaal laten openen door Bastian Schweinsteiger, je weet wel van de Mannschaft, Bayern München en Manchester United, hij speelt nu in Chicago, heb hem speciaal in de businessclass laten overvliegen, kostte natuurlijk het een en ander, maar dan heb je ook iets speciaals, de Polen stonden met de bek open, die zijn zulke speciale dingen niet gewend. Ik heb Schweinsteiger nog uitgenodigd om ook even hier naar toe te komen, had ons dorp ook nog iets speciaals gehad, maar ja, de voetballerij ging voor. Dat was wel jammer, want wees nou eerlijk er gebeuren hier weinig speciale dingen. Weet je wat het is Oerstallinga", vervolgde Speestra, "de Polen houden niet alleen varkens, ze houden ook van varkens, het is gemakkelijker een megastal met honderdvijftigduizend varkens in Świnoujście te hebben dan één varken in je achtertuin in Nederland. Wat was het niet fantastisch geweest als we Schweinsteiger hier in ons dorp hadden kunnen ontvangen, maar nee, voor zulke speciale dingen moet je naar Polen, zoals ik al zei, in Polen weten ze wat een varken toekomt en maken ze het houden van varkens tot een speciale liefhebberij en worden in plaats van rare regeltjes in te voeren rechters die dat toch willen naar huis gestuurd, in Polen is het varken nog koning, dat kunnen we hier nauwelijks meer waarmaken, Oerstallinga. En waarom, Oerstallinga? Iedereen wil toch een karbonaadje op zijn bord of niet soms? Zo'n lekker sappig karbonaadje met een speciaal sausje. Jij wil toch ook een goed stuk vlees, Oerstallinga?" Op dat ogenblik betrad een hem vreemde dame gekleed in een met een panterpatroon bedrukt, miniem jurkje de voorkamer waar ze inmiddels waren gaan zitten: "Kieliszek wódki, panowie?" "Of je een glaasje wodka wilt", verduidelijkte Speestra. "Poolse, speciale wodka, Zubrovka, met bisongras en laat ik je meteen even voorstellen aan mijn vriendin Agnieszka uit Świnoujście, ik lig in scheiding met Lolkje, ik vertel je dit even Oerstallinga, zodat er geen gepraat in het dorp ontstaat, want daar heeft niemand wat aan. Oerstallinga nipte voorzichtig van zijn glaasje. "Nee", riep Speestra, "zo doen ze dat niet in Polen, je drinkt wodka in één teug. "Zdrowie!" en Speestra kneep Agnieszka in haar linker bil.
P&M
Laat ik nog een keer teruggaan naar het radioprogramma dat ik zo'n 25 jaar gelden maakte "De gezamenlijke zenders Peazens en Moddergat", een programma waarbij ik niet zomaar wat plaatjes draaide maar waarin ik associatief met muziek in de weer was en allerlei soorten muziek voorbij konden komen. Om de beginnen is hier " Fishin Blues'" van Taj Mahal. Mahal, echte naam Henry St. Clair Fredericks Jr., is een Amerikaanse bluesgitarist en zanger, maar tegelijk een muziekhistoricus, die graag pareltjes opduikt uit de Amerikaanse zwarte muziekgeschiedenis. Dan hetzelfde liedje dat anders klinkt in de bewerking van Amos Garrett en Geoff Muldaur, twee mannen oorspronkelijk uit het jugbandcircuit, maar hier op tournee in Japan. In feite was de jugbandmuziek uit de jaren zestig een herleving van de jugbandmuziek uit de jaren twintig, toen zwarte muzikanten door geldgebrek op een aarden kruik een bas imiteerden en op een washboard zorgden voor het geluid van een drum. In de jaren zestig waren de musici wit. Geoff Muldaur en echtgenote Maria keken ook terug toen ze "Dardanella" opnamen, een nummer dat in de jaren twintig voor de eerste keer op de plaats werd gezet. We zouden "Dardanella" een noveltynummer kunnen noemen, een slecht te vertalen term, maar die duidt op muziek bijvoorbeeld met een pseudo-oosterskarakter. "Dardanella' brengt ons naar Turkije en er bestaan een paar Turkse marsjes van befaamde componisten, deze is van Mozart en deze van Beethoven. Natuurlijk is de muziek van Mozart noch die van Beethoven Turks, het volgende stuk is wel gelijk Turks, gespeeld op klarinet en darbuka, een handtrommel. Een ander soort trommel vinden we in Ierland, de bodhran, bespeelt met één stok. Dat je helemaal geen instrument nodig hebt en toch kunt drummen laten deze Bakavrouwen horen, ze gebruiken een rivier als instrument. Veel mensen, allemaal op hun eigen trommel, we zijn in Japan. Heel stevige klappen, maar we draaien het om: één man op een drumstel, dus meer trommels tegelijk: Jo Jones Een andere, jongere Jo Jones, Philly Jo Jones, ook een drummer met Bill Evans aan de piano. Meer van Bill Evans, maar dan in driekwartsmaat: "Waltz for Debby". Tot slot geen wals maar een mars van de Weense walsenkoning, de "Radetzkymarsch", gespeeld door de Wiener Symphoniker onder leiding van Daniel Barenboim



