27.2.16

45 N1

Zijn echte naam was Ernest, maar vanwege zijn rode haar ging de cornettist als Red Nichols (1905-1965) door het leven. Op dit epeetje speelt hij met zijn  "Five Pennies", een woordgrapje, want een nickel is in de Verenigde Staten een stuiver: Rode Stuiver en zijn Vijf Centen zou zijn groepje in ons land geheten hebben. Dat het orkestje meer dan vijf leden telde, deed er niet toe, het waren wel allemaal mensen die het in de jazz nog ver zouden brengen, in "China Boy" zijn Jack Tegarden en Glenn Miller de trombonisten, Benny Goodman is de clarinettist en Gene Krupa de drummer (omdat het anders een galerij van namen  wordt laat ik de anderen achterwege). In "I want to be happy" is Goodman vervangen door Jimmy Dorsey en moet Adrian Rollini op bassax worden toegevoegd. Nichols had op  het moment dat hij met zijn "Five Pennies" opnam al een hele carriere achter de rug, hij had onder meer in het orkest van Johnny Johnson gespeeld, dit is een opname van een stuk met een politiek incorrecte titel "Wop Blues"*, daarna kwamen een aantal door hem geleide bandjes, met vrijwel altijd dezelfde mensen, die voor verschillende platenmaatschappijen onder andere namen opnamen maakten: de Charleston Chasers, The Red Heads en de Louisiana Rhythm Kings. Ook stond Nichols in de studio met het orkest van Paul Whiteman, Bing Crosby is de zanger in "My Blue Heaven".
*Wop: scheldwoord voor Italiaan.