17.2.17

SKI

En dan is het nu weer tijd voor het klassieke skivakantieverhaal!


De dames Foekje Ruizinga, Alida Weidema - Tochtig, Hetty de Hond - van der Loops en Gudrun von Dönsk haden elkaar toevallig op een skivakantie in Oostenrijk ontmoet. en daarna gingen de dames ieder jaar medio februari gezamenlijk naar Skihotel Hitzig und Brünstig in Großrammig, waar de eigenares, Frau Elfriede Krolsch hun bij aankomst met 'ein Kännchen Kaffee und Streuselkuchen' opwachtte.
De laatste weken van februari was het hotel ieder jaar "voll belegt". De eersten die arriveerden waren de drie Nederlandse dames, ze werden van het dichtstbijzijnde station per auto opgehaald door Franz Brünstig, het niet al te pientere manusje-van-alles en de enige nog in leven zijnde nazaat van één van de stichters van het hotel, alhoewel dat in 1865 slechts de naam "Dorfskneipe" verdiende. Twee dagen later kwam Frau Gudrun von Dönsk uit Münster aangereisd, meestal tegelijkertijd met Henk-Jan de Kater uit Kampen. Hij vertoonde zich nooit op de piste van Großrammig, hij hield het bij stevige bergwandelingen, die hij steevast in authentieke "Lederhosen" ondernam. Tegen de avond van dezelfde dag reed ook de suv van de Van Scrotumpjes uit Castricum het parkeerterrein van Skihotel  Hitzig und Brünstig op. Zij hadden drie kamers nodig, één voor de ouders, één voor  de zeventienjarige tweeling Frans-Frits en Frits-Frans en één voor de drie dochters van 15, 12 en 9.
De volgende ochtend, hij had de hele nacht doorgereden, kwam Philip Hengst met zijn Triumph TR6 en elk jaar, zo leek het, een nieuwe vriendin, maar het kon ook zijn dat dezelfde vrouw ieder jaar van kapsel veranderde. De Triumph was wel steeds identiek. Heel laat in de middag arriveerde de schuchtere Wietze van Rheu. Pas donderdagavond ging hij 'los', wanneer de lokale Musikkapelle Hochfickenburg in het Skihotel Hitzig und Brünstig  voor de gasten speelde. Het muziekgezelschap had in 2009 zijn honderdjarig bestaan gevierd en had oorspronkelijk zelfs K.u.K. - Kaiserlich und Königlich - in de naam mogen voeren, Franz Joseph zelf had het die titel verleend, nadat het in 1912 bij een "volkstümliches Fest" de eerste prijs had weten te behalen. Dirigent van Hochfickenburg was de notaris van het naburige Ranzen am Hornbach, Dr. Dr. Adolf Fögeln.
De enig overgebleven kamer ging 's avonds om half twaalf naar Ernst van Stierum, die met zijn Britse vriendin Georgina Rutting per MG B uit Brussel, waar beiden voor veel geld iets Europees verrichtten, kwam aangereden. Elfriede Krolsch had twee keer gedreigd Van Stierum de deur te wijzen, de eerste keer omdat hij bijna slaande ruzie maakte met Philip Hengst, nadat hij denigrerende opmerkingen had gemaakt over diens Triumph, de tweede keer toen moeder van Scrotum om een andere kamer had gevraagd voor de tweeling, die 's nachts  niet had kunnen slapen omdat, zo zeiden ze, de mensen in de kamer naast de hunne de hele nacht naar een tenniswedstijd hadden gekeken: het gekreun was niet van de lucht geweest. Moeder van Scrotum had meteen begrepen toch noch Andy Murray noch Serena Williams een balletje hadden geslagen. Van Stierum en Rutting hadden daarna onderdak gekregen in een annex van "Hitzig und Brünstig".
(wordt vervolgd)