De Franse spoorwegmaatschappij SNCF had na de verwoestende Tweede Wereldoorlog veel nieuw materieel nodig en dus bestelde men al tijdens de oorlog in de Verenigde Staten en Canada 1340 stoomlocomotieven, die men vervolgens 141R noemde. Dat die bestelling broodnodig was bleek uit het
feit dat van de 17259 locomotieven in 1938 bij de bevrijding nog maar
6000 bruikbaar waren. De 141R kwam in twee series: de 1 tot en met 700
waren kolengestookt, de 701 tot en met 1340 oliegestookt, al was een
aantal oorspronkelijk kolengestookt. De locomotief hierboven is een
miniatuur 141R 1187 en stelt dus een locomotief uit de tweede serie
voor, maar ook daarin komen nog verschillen voor, zo hebben de 701 tot
en met 1000 boxpokwielen (in tegenstelling tot spaakwielen) op één as,
terwijl de 1187 op alle assen boxpokwielen heeft. De 701 tot en met
1200 kwamen uit verschillende Amerikaanse fabrieken (Alco, Baldwin en
Lima) - waar ook de 1 tot en met 700 vervaardigd waren - de 1201 tot en
met 1340 werden in Canada door de Montreal Locomotive Works en de
Canadian Locomotive Works (Kingston, Ontario) gebouwd. De 1220 tot en
met 1235 en de 1241 hebben nooit in Frankrijk gereden, samen met hun tenders vergingen ze met de ondergang van het vrachtschip "Belpamela".
