In 1946 of 1947 werd ik voor de allereerste keer naar een boerderij gestuurd. Ik was liever thuis gebleven, want daar waren mijn boeken en mijn kleurpotloden. Ik ging naar Oosterwolde. Veel herinner ik me niet meer. Er was een Sint Bernard waar je als je uitkeek op kon rijden en die een enorme hekel had aan geüniformeerden, of het nou postbodes waren of militairen. Dat kwam door de laatsten, als ze achter in een vrachtwagen voorbij reden gooiden ze rotzooi naar de hond. Het enige wat ik me heel goed herinner was het volgende: een merrie zou naar een hengst in Drenthe, daartoe werd de merrie voor een wagen gespannen tussen de twee bomen en de boer en ik op de bok. Onderweg schrok het paard door een luide machine, steigerde en duwde de wagen achteruit een droge sloot in. De boer kalmeerde het paard en we zetten onze reis voort. Maar het was de eerste keer dat ik zo'n angstig paard meemaakte.