21.1.12

Tekenen

Aan mijn muzikale behoeftes werd in mijn ouderlijk huis ruimschoots voldaan. Er was een grammofoon, die overigens steevast pick-up genoemd werd. Het was een houten kast met een draaitafel met oorspronkelijk slechts een snelheid en waarvan de naalden verwisseld moesten worden. Een paar jaar na de oorlog werd er een andere draaitafel ingebouwd met meer snelheden: een Philips. het naalden verwisselen was tegelijkertijd van de baan. Mijn vader was een muzikale alleseter: klassiek, jazz, folklore, hij had een groot aantal platen. Met het uiterst populaire genre had hij niets. Zo nu en dan zong hij een deun uit lang vervlogen dagen, sommige herinner ik me: "Soldaten marcheren nu aan de grens, als ze schieten, schieten ze op geen mens, zo mesjogge heb ik ons Holland nog nooit gezien". Ik ging naar de muziekschool, leerde er handzingen (een vuist is een do, ik ben het niet verleerd) en blokfluiten, maar toen het tijd werd om een "echt:" instrument te kiezen werd me duidelijk gemaakt dat ik een trombone wel kon vergeten, want les op dat instrument gaf de muziekschool niet. Het werd dus tegen mijn zin een accordeon. Ik heb het met het bespelen van de trekzak niet ver gebracht, dat lag grotendeels aan mij, maar ook aan de leraar, die met pen opdrachten in mijn muziekboek schreef. Zoals: "Trek hem niet uit elkaar, Willem!" Nu heet ik Wim en geen Willem, dus dat zette al kwaad bloed. Nee, ik tekende liever. Al gaf ook dat problemen, want alhoewel ik thuis weinig anders deed, kreeg ik op mijn schoolrapport een 4, omdat ik stelselmatig de voorbeelden die op school werden aangereikt veranderde. Van een vierkant met daarin een cirkel en daarop een driehoek, maakte ik een hondenhok. En ik leefde me uit op de hond. Dat was niet de bedoeling. Mijn moeder is toen naar de onderwijzer gestapt en de volgende keer kreeg ik een 7 en daarna en 8 op mijn rapport. Helaas is geen kindertekening van mij bewaard gebleven. Ik had het in mijn hoofd gezet dat ik met tekenen mijn brood ging verdienen. Maar daar kwam niets van in. Thuis werd me duidelijk gemaakt dat er geen droog brood in zat en dus werd het de kweekschool: "want onderwijzers zijn altijd nodig". Gelukkig werkte op de Haagse Rijkskweekschool een geweldige tekenleraar Henk Baaren, die me mijn gang liet gaan en aan wie ik nog steeds met warmte terug denk.