16.4.13

Woordgevoel

Vanochtend, waarde lezers, wil ik uw aandacht vragen voor het begrip woordgevoel, niet voor de inhoudelijke betekenis van het woord, maar het gevoel dat een woord oproept. De smaak van het woord. Ik geef een voorbeeld: konijnekeutel, dat is niet iets wat u letterlijk in de mond moet nemen, maar toch moet u het woord an sich eens proeven. Konijnekeutel. Een vriendelijk woord met zijn terugkerende k's, de n's, de o, de ij en de eu. Het is een woord met een plezierige uitstraling. Hetzelfde kan gezegd worden van het woord boterham. De ronde o maakt het tot een genoegen het woord uit te spreken. Boekenlegger is tot we aan de g's en de slot r komen ook - laat ik het maar zeggen - een fijn woord. Onplezierige woorden, woorden die nare gevoelens oproepen hebben in de regel een r vooraan in het woord, ik denk aan woorden die beginnen met  gr, met br, en dr. Ik noem een paar voorbeelden en proeft u even met me mee: gramschap, gruwel, grof, brokken, bruusk, brullen en druk, drammen, Drent. Zeg genoemde woorden een paar keer achter elkaar en u krijgt er een naar gevoel bij. Zeg dan nog een keer konijnekeutel en merk dan dat zo'n woord bijdraagt aan uw opgewektheid, u krijgt er een goed humeur van, zo'n gevoel krijgt u niet bij het uitspreken van het woord Drent.
drs. Frederik-Johan van Grombaard, taalkundige te Doetinchem.